• anjakeesmaat

Blog 25 Onverwachts naar Nederland

Bijgewerkt: aug 6


We hebben niet zoveel last van de lockdown. Dat verandert als we verontrustende berichten uit Nederland krijgen. Het gaat niet goed met pa Keesmaat. Hij heeft uitzaaiingen van een melanoom in zijn hoofd en dan is de lockdown opeens wel een probleem.

Wij zitten vast in Griekenland en schoonzus Mariëtte zit met haar gezin vast in de States. Alleen zwager Edwin en schoonzus Gerda zitten in de buurt. De zorg voor schoonpa komt op ma Keesmaat, Ed en Gerda en oom Arie met zijn vrouw neer. Hij gaat zo snel achteruit dat hij moet worden opgenomen in een hospice. Wij kunnen op zijn vroegst pas op 1 juli naar Nederland. Gelukkig wordt die datum vervroegd naar half juni en kunnen we een ticket boeken op een van de eerste vluchten naar de Lage Landen. We moeten dan wel vanaf Athene vliegen en dat is nog wel een onderneming.

Gewapend met mondkapjes vertrekken we ‘s morgens heel vroeg naar het busstation in Pylos. Wim heeft bij de plaatselijke doe-het-zelver mondkapjes met een filter gekocht.

‘Volgens mij mogen die niet in Nederland.’

‘Waarom niet?’

‘Die mondkapjes met een filter zijn voor het medische personeel’

‘Sinds wanneer loopt het medisch personeel in Nederland met grijze mondkapjes op van een doe-het-zelf zaak in Griekenland? Als ik toch zo’n ding op moet dan maar liever meteen aan goede.’

Hij heeft een punt, dus stappen wij gefilterd en wel in de bus van Pylos naar Kalamata.

Het moet worden gezegd dat de Grieken bijzonder creatief zijn met hun mondkapjes. Je kunt ze op vele manieren dragen. Als hoedje, bungelend aan een oor, om een bovenarm, verfrommeld in een broekzak of als ketting. Oh ja, en op je gezicht.


De bus rijdt op zijn gemak door de heuvels met olijfboomgaarden en we komen tegen achten in Kalamata aan. De bus naar Athene vertrekt om 9.30, maar die zit vol. De volgende bus vertrekt pas om 14 uur. Dat wordt krap. We hebben weinig keus, dus gelaten wachten we tot het 14 uur is.

De bus doet er zo’n vijf uur over naar het busstation van Athene en dan moeten we nog een uur met een bus naar het vliegveld. Het wordt krap, maar het lukt. Net op tijd komen we op het uitgestorven vliegveld aan, met mondkapje en gezondheidsverklaring, en gelukkig alleen handbagage. Op het vliegveld wordt keurig anderhalve meter afstand gehouden. Dat verandert op het moment dat we in het vliegtuig zitten. Daar gelden weer andere regels.

Ik zit tegen twee Turkse meisjes aangeklemd. Ze beweren student te zijn, maar spreken geen woord Engels. Het zijn lieve meisjes, versierd met wat tattoos en piercings hier en daar. In de rij schuin voor ons zitten drie knappe jongens waar ze bij horen. Ik vind het maar vreemd. Vooral ook omdat ze beiden geen mobiel hebben. Ze gaan naar Amsterdam, begrijp ik uit hun gebarentaal. Als we opstijgen, breekt er lichtelijk paniek uit bij de dames. Ik voel twee handen die mijn arm vastgrijpen en zie twee grote, bruine, angstige ogen die om geruststelling smeken. Het lukt me om hen te kalmeren en duidelijk te maken dat we grote kans hebben om niet neer te storten. De anderhalve meter regeling lap ik maar even aan mijn laars. In het vliegtuig gelden tenslotte andere regels.

Op Schiphol staan Quint en Myriam op ons te wachten. De schatten. Het duurt tot in de kleine uurtjes voordat we weer bijgepraat zijn. De andere morgen vertrekken we met oudste dochter naar zee voor een heerlijk ontbijt, waarna ze ons in Leiden dumpt, waar jongste dochter Karin opgesloten zit in haar studentencel.

Na een terrasje met haar te hebben gepakt in het mooie centrum van Leiden, stappen we op de trein naar Dordrecht, waar we samen met ma Keesmaat op bezoek gaan bij pa Keesmaat. Hij is redelijk stabiel en herkent ons. We zijn blij dat we er zijn. Het is een bijzondere tijd met elkaar. We rijden met ma Keesmaat naar Alblasserdam. Ze heeft er goed de gang in en rijdt als een jonge vent. Dat blijft niet geheel onopgemerkt en levert haar drie bekeuringen op.

We blijven bij haar en bezoeken pa Keesmaat zo vaak mogelijk. Hij overlijdt na een week in ons bijzijn en dan begint het geregel. Gelukkig hadden Ed en Gerda samen met ma vrijwel alles al gedaan. Begraven in Nederland is een kostbare zaak.

We zijn blij dat we naar Nederland konden komen. We zagen het al helemaal voor ons. In Griekenland een begrafenis via de livestream volgen. Dan hadden we naar het pleintje gemoeten voor een goede wifi-verbinding. En natuurlijk komen er dan altijd bekenden langs die even een praatje willen maken. ‘Sorry, nu even niet. We zitten naar mijn vaders begrafenis te kijken.’ Gelukkig is dat niet gebeurd. Mariëtte en gezin moesten wel via de

livestream alles volgen en de kans is klein dat ze voorlopig vanuit de States naar Nederland kan komen.


We willen zoveel mensen zien, maar dat gaat even niet. Het lukt nog net om een paar goede vrienden te bezoeken. Er moet nog een riolering worden gerepareerd, en de gang heeft blank gestaan en schreeuwt om een stuk nieuwe vloerbedekking. Ook loopt Wim klem met zijn werk. Gelukkig heeft de uitgeverij alle begrip en verschuiven ze de deadline. Wat een raar woord eigenlijk.

Gelukkig is er ook positief nieuws. Karin studeert af in Russische geschiedenis met een 8,5 voor haar scriptie en heeft haar Masters. En schoondochter Mirjam haalt haar Bachelor antropologie met een korte documentaire over de coronatijd – een dikke 9,7. We zijn trots op hen. Niet dat ze er iets mee kunnen, maar dat mag de pret niet drukken. Van de vijf zijn er inmiddels vier afgestudeerd. De slimste van het stel is niet afgestudeerd, maar is gaan werken en verdient het meest.

In Leiden bloeit er iets heel moois op tussen Karin en een zekere Niek, maar het is nog in een zeer pril date-stadium. Ik probeer nog slim te zijn en bij dochterlief op bezoek te gaan voordat hij komt, maar zij gaat naar hem, dus die vlieger gaat niet op. Ze hebben groot gelijk. De berichten zijn in ieder geval positief. Hij is gelovig en hij is lief voor Karin, en dat is voor ons het belangrijkste, dus onze zegen hebben ze. Hij past wel in het groepje.


Myriam en Quint gaan verhuizen naar Lelystad, waar ze een prachtig huis hebben gekocht. Het huis in Hoofddorp is verhuisklaar, totdat de woningbouw in hun onnavolgbare wijsheid besluit dat ze vanwege Corona niet kunnen controleren en dat het prachtige laminaat er uit moet. Het zijn sociale huurwoningen, dus grote kans dat de volgende huurders niet veel te besteden hebben. Die moeten dus weer nieuw laminaat gaan leggen. We kunnen er met ons verstand niet bij.

Het maakt echter niet veel uit wat wij vinden, dus slopen we heel de boel eruit, terwijl Myriam en Quint naar hun werk zijn, en dumpen het op de stoep, klaar voor het grof vuil. We hopen nog dat het wordt meegenomen voor een tweede leven, maar helaas. Er rest alleen nog de verpulvering.

Na bijna drie intensieve weken wordt het tijd om weer terug te gaan. We gaan met zijn allen naar het nieuwe huis van Myriam en Quint en hebben een gezellige avond met elkaar. Dat zal ik blijven missen. Even naar het strand met Karin, een ijsje eten met Mirjam en Ben, ontbijten en lunchen met Myriam en Quint. Op bezoek bij mijn ouders. Mijn vader is 83, mijn moeder 79. Ze zijn nog heel fit en fietsen het halve land door, maar we weten dat het zo over kan zijn. Ik ben bezig om het verhaal van mijn moeders jeugd vast te leggen en we zoeken samen foto’s uit. Het zijn simpele dingen, maar zo waardevol als dat maar af en toe kan. En dan komt het afscheid. Daar kan ik kort over zijn. Dat blijft k..

Onze kinderen hebben ons als gemeenschappelijk gestoorden een drone gegeven. Het kostbare kleinood wordt voorzichtig ingepakt. Samen met veel te veel andere spullen die we hebben gekocht. Nederland blijft een paradijs voor de aanschaf van bootspullen. In Griekenland is bijna niets te krijgen en bovendien heel duur.

Bepakt en bezakt komen we aan op Schiphol, waar we door een strenge stewardess worden terecht gewezen dat we verkeerde mondkapjes hebben en dat we toch echt andere moeten. Op Wim’s vraag wat de Nederlandse ziekenhuizen met een grijs mondkapje van een Griekse

doe-het-zelf-zaak moeten, blijft ze het antwoord schuldig. Gelukkig hebben we nog een hele verzameling andere bij ons, omdat we elke keer nieuwe moeten kopen.

De Griekse overheid heeft ons een code gestuurd waarmee we het land weer in kunnen. Tezamen met een gezondheidsverklaring van onszelf moet dat lukken. Natuurlijk wordt Wim in Athene voor een coronatest weer uit de rij gehaald. We hebben er niets meer van gehoord, dus we gaan ervan uit dat het allemaal goed is. De reis terug is voorspoedig en we komen rond middernacht op het busstation van Kalamata aan. De eerste bus gaat om zes uur. De rest van de nacht breng ik door op een bankje.

En dan zijn we weer terug op het bootje. Wat moeten we nog veel doen, is het eerste wat ik denk als ik binnenstap. Het kost altijd tijd om om te schakelen van de luxe in Nederland naar het basic leven in Griekenland, maar het went snel. We omarmen de rust en het lekkere weer. We werken hard en maken de vloer af. Dat scheelt zo’n stuk. Dat is een hele grote blij. Nu nog de motor repareren. Met wat hard praten moet dat wel lukken. Wim kan alles. En dan kunnen we eindelijk gaan varen...

We hebben grote plannen, maar daarover meer in de volgende blog. Als het goed is, komt die wat sneller...



394 keer bekeken2 reacties
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now