• anjakeesmaat

Blog 19 Gedoe met een anker en een nieuw boek


We hebben het beste en grootste anker gekocht dat er is. Fotis van de marineshop heeft hem net binnen en hij ligt te pronken in zijn winkel. Het is een aanslag op ons budget, maar dan heb je ook wat. Tenslotte is een anker wel een essentieel onderdeel tegen de ondergang, vinden we.

Waar we niet aan hebben gedacht, is dat het nieuwe anker eigenlijk te zwaar is voor de winch en dat hij ook niet zo goed past in de houder en dat we eigenlijk te weinig ketting hebben. Een groot deel van de vastigheid is het aantal meters ketting dat op de zeebodem ligt, maar een langere ketting is duur.

We hebben mazzel. We passen op de boot van de Denen en laten die nou net een nieuwe ankerketting gekocht hebben. Of wij de oude willen. We vinden het een fijn plan. Ze kiepen 50 meter verroeste ketting van 10 mm schakeldikte op de kade en wij kieperen dat weer in de ankerbak. We hebben zelf nog 20 meter. Bij elkaar hebben we nu zo’n 70 meter. Dat moet genoeg zijn.

Het stuk van 8mm dat er nu aanzit, kunnen we dan mooi gebruiken om een extra mooring aan de voor- en achterkant van te maken. Dat is sneller gezegd dan gedaan en het kost Wim dan ook heel wat duiken om die zware ketting vast te maken aan het blok beton op de bodem, op vijf meter diep, bijna aan de overkant. Na een hoop geplons en gedoe heeft hij het echter voor elkaar. Wim kan alles. Die boot gaat geen centimeter meer heen en weer, zeggen wij tevreden. We zijn klaar voor de herfststormen.

Een van de eigenaars – samen met lief – van het Deense jacht nodigt ons uit voor een hapje eten op het plein. Het zijn leuke gasten. Hij heeft samen met zijn zwager in een spontane bui het jacht gekocht. Ze hebben niet veel tijd en laten veel door anderen doen, met de nodige frustraties. Zo zijn de zonnepanelen nog steeds niet geïnstalleerd en zitten ze zonder stroom. Wij betonen ons medeleven en zijn blij dat we niet de enigen zijn die lopen te klooien. Ook sprong bij de eerste tocht een bemanningslid overboord, omdat de boot nogal schuin ging en de desbetreffende dame in paniek raakte. Wij nemen ons voor om aan boord te blijven wanneer we gaan varen.

Een week later komt zijn zwager. De zonnepanelen zijn geïnstalleerd, maar als hij een baai verderop zijn anker wil ophalen, komt heel zijn ankerlier uit het dek. Hij is er helemaal klaar mee.

We komen hem ’s avonds lichtelijk aangeschoten tegen. ‘Hug me,’ zegt hij beteuterd tegen Wim. ‘Ik heb mijn vlucht omgezet en ga morgen naar huis. Hier heb je de sleutel.’

We slepen 70 meter ankerketting terug de kade op en ik verf keurig om de vijf meter 1 streepje en om de tien meter 2 streepjes. Het ziet er gelikt uit. We bevestigen het anker aan de nieuwe ketting en de hele handel kan weer de ankerbak in. Klaar voor gebruik.

‘Anjaaaa!’

‘Jaahaa.’

‘Het past niet.’

‘Wat past er niet?’

‘De ketting past niet in de ankerlier.’

‘Je had toch gemeten?’

‘Jaah, alleen de grootte van de schakels. Maar ik heb geen rekening gehouden met de ruimte tussen de schakels…’

‘Oh. En nu?’

‘Een beetje sjorren, denk ik.’

‘Kan die oude ketting niet terug?’

‘Nee, die heb ik net in stukken geslepen voor de nieuwe moorings.’

‘Oh.’

Dat wordt dan met het handje ophalen. Een nieuwe lier is geen optie. Die kosten een vermogen. Beetje jammer wel.

Nou is de huidige lier ook niet in allerbeste staat. Hij vertoonde al wat tekenen van een vroegtijdige dood. De laatste keer dat we hem gebruikten, stonk hij. En het geheel ziet er meer uit als het werk van een psychedelische kunstenaar uit de jaren zestig dan als een elektromotor. Als we ooit nog rijk worden, moeten we toch maar een nieuwe kopen.

Er is gelukkig ook goed nieuws.

Eind 2017 kreeg ik het verzoek van de uitgever of ik het zag zitten om een kerstnovelle te schrijven. Ik moest eerst even Googlen wat er precies met een novelle wordt bedoeld. Volgens Wikipedia:

Tegenwoordig bedoelt men met ‘novelle’ een prozaverhaal dat wat de omvang betreft tussen de roman en het kort verhaal geplaatst wordt. De lengte is typisch tussen de 50 en 100 pagina's, maar hierover bestaat geen consensus Een novelle bezit een eenvoudige structuur en een klein aantal personages. Meestal omvat een novelle een bijzondere gebeurtenis en hoofdpersonages op een beslissend moment in hun leven.

Dat moet te doen zijn. Alleen het onderwerp… Degene die ons wat beter kennen, weten dat we niet echt kerstfans zijn, dus ik mail terug: Dat zou ik best wel willen proberen, maar ik weet niet of de wereld zit te wachten op een kerstnovelle van een diehard kersthater.

Daar moet de uitgever dan weer over nadenken.

Eind van het liedje is dat ik met veel plezier de kerstnovelle heb geschreven en dat die binnenkort wordt uitgegeven. Het is de eerste keer dat ik fictie doe, dus het is wel spannend.

Bij het eerste boek hebben we alles zelf gedaan. Wat is het fijn dat deskundige mensen de redactie en de lay-out voor hun rekening nemen, en met me meedenken. Het enige wat ik hoef te doen, is zeggen of ik het leuk vind of niet.

Pa en ma Keesmaat worden tachtig en willen dat heuglijke feit vieren met een etentje. Wij willen daar wel heen, maar laten de boot ook niet graag alleen. Dan krijg ik een appje van iemand die we nog kennen van Suriname. Ze wil op vakantie naar Griekenland en of we het leuk vinden als ze langskomt. Dat vinden we heel leuk. Sterker nog, als ze wil, kan ze vakantie houden op de boot. Dat wil ze wel. Iedereen blij.

We hebben een genoeglijke dag met elkaar en dan vertrekken we voor een dag of tien naar de Lage Landen.

De weerberichten zijn veelbelovend. Tien dagen regen. We hebben er echt zin in.

We willen zoveel in die tien dagen. We moeten zoveel spullen voor de boot regelen die in Griekenland niet zijn te krijgen en dan willen we ook nog een heleboel mensen zien. Dat laatste lukt niet en dat is heel frustrerend. We komen niet verder dan ouders, broers, schoonzussen en kinderen.

We vinden een bedrijf waar ze zonnepanelen verkopen. Eindelijk hebben we iemand gevonden die de tijd neemt om onze vragen te beantwoorden en geen haast heeft. Halleluja, ze bestaan nog. Even later rijden we met twee enorme zonnepanelen in de geleende auto van pa Keesmaat in de stromende regen over de snelweg. Samen met nog ontelbare weggebruikers. Allemaal onderweg onder een grauwe lucht. Je zou er depressief van worden.

Je kunt echter wel twee lellen van zonnepanelen kopen, maar waar laat je die dingen? We kunnen ze moeilijk bij pa en ma Keesmaat in de gang parkeren. We rijden maar meteen door naar DHL, met het vriendelijke verzoek om ze naar Griekenland te versturen. Het zint Wim niks. Het is slecht verpakt, maar de aardige medewerker heeft er wel vertrouwen in dat het goed komt. Hij plakt ze helemaal vol met tape met ‘breekbaar’ erop, dus de boodschap is duidelijk. Het zal ons benieuwen. In de haast vergeten we om de zending te verzekeren. Als dat maar goed gaat.

Gelukkig zijn we nog in Nederland als Karin terug komt uit Rusland en kunnen we haar ophalen van Schiphol. We kunnen allemaal bij Myriam en Quint slapen. Het is zo fijn om haar in de armen te sluiten en weer bij te praten.

En dan moeten we alweer terug. We sjouwen alle inkopen, inclusief een wintertrui die mijn moeder heeft gebreid mee het vliegtuig in. Wim wil een rolgordijntje vastplakken op een groter pak. Ik vind dat niet handig, omdat ik bang ben dat het breekt. Wim vindt dat ik een punt heb, maar soms is het beter dat hij niet naar mij luistert, want uitgerekend het rolgordijn komt niet aan in Kalamata.

We vullen een formulier in bij een aardige dame en geven het adres op van Babis. ‘Oh, die ken ik, die heeft een winkel in Pylos.’ De wereld is klein in Griekenland.

Een paar dagen later hangt Babis aan de telefoon. ‘Er staat hier een taxi voor de deur, wat moet ik daarmee?’ We hebben geen idee. Wij hebben geen taxi besteld. Het blijkt echter ons rolgordijntje te zijn. Een rolgordijntje van 23 euro bezorgd door een taxi van 60 euro. Daar zal Transavia niet rijk van worden, maar wij hebben ons rolgordijntje terug. Nu nog ophangen.

Een paar dagen later belt Babis weer. Er staat een vrachtwagen voor de deur, wat moet ik ermee? Het is een heel groot pakket. Het zijn de zonnepanelen. Binnen een week. Zo snel hebben we nog nooit iets gehad. Leve DHL. En alles is nog heel. Het is maar goed dat we de zending niet verzekerd hebben. Nu nog plaatsen.

We verzekeren Babis dat hij geweldig is en vragen ons hardop af wat we toch zonder hem moeten. Hij wuift onze complimenten glimlachend weg. ‘Nog een koffie?’ zegt hij.




190 keer bekeken
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now